www.sxc.hu, spydermurp

Schrijven met de hand, met de computer of…?

Ken je de app Goodnotes? Medeschrijfster Claudia maakte me erop attent, ze is er heel enthousiast over en stuurde zelfs een filmpje van hoe ze de app gebruikt.

Met deze app combineer je handmatig schrijven met digitaal werken. Het mooie vind ik dat het karakter van het handgeschreven dagboek bewaard blijft, terwijl je meer creatieve en reflectieve mogelijkheden krijgt doordat je teksten en tekeningen digitaal beschikbaar zijn, en bewerkt, verplaatst en ook doorzocht kunnen worden.

Voordelen die Claudia noemt:

  • – Je kunt, net als op papier, volledig oprecht en ongecensureerd sprintjes schrijven.
  • – Daarna kun je delen markeren, toevoegen, verplaatsen, ‘knippen en plakken’.
  • – Je kunt teksten gemakkelijk een andere kleur geven.
  • – Je kunt geschreven teksten omzetten naar getypte tekst.
  • – Het is heel makkelijk om er plaatjes bij te zetten en de verdeling van de tekst daarop aan te passen, zodat alles goed uitkomt.
  • – Er gaat niets verloren, het wordt alleen maar persoonlijker.
  • – Goodnotes biedt verschillende ‘papiersoorten’ en je kunt deze ook zelf maken.
  • – Je kunt zoveel boeken maken als je wilt, bijv. voor verschillende projecten of thema’s.
  • – Je kunt alles terugvinden. Heb je bijvoorbeeld een onderwerp dat steeds terugkomt, dan zoek je daarop en vind je alle teksten terug waarin je daarover schreef.

Het lijkt me een leuke en veelzijdige manier van schrijven, een ‘derde weg’ naast handmatig schrijven en typen. Ik wist niet dat die er was!

.

 

.

 

 

 

foto: www.sxc.hu

Oefening van de maand

Er is weer een nieuwe oefening van de maand.

In november is het thema: Vreugde.
Een oefening uit het werkboekje Word je bewust, 81 oefeningen voor reflectief schrijven, dat Jojanneke Kronenburg en ik gemaakt hebben. Een beetje uitgebreide versie, zodat je er fijn je eigen gang mee kunt gaan. Een afbeelding en een citaat zetten je op het spoor van wat vreugde voor jou is.

Veel plezier ermee toegewenst!

 

P.S.: Je krijgt het boekje Word je bewust cadeau als je meedoet aan de workshop Thuis zijn bij jezelf op zaterdag 23 november (zolang de voorraad strekt).

 

.

 

 

.

.

 

Workshop “Thuis zijn bij jezelf”: afscheid van de Noldijk

Op 29 november hopen Richard en ik te verhuizen naar Tolhuis 25, 3332 BH Zwijndrecht. Maar voordat het zover is, moet er eerst nog in Barendrecht geschreven worden.

Verhuizen kan natuurlijk niet voordat we een schrijfworkshop als afscheid gehad hebben, want dat verdient de Noldijk 3 in Barendrecht. Zoveel mooie schrijfsels en gesprekken hebben hier geklonken, zoveel betekenisvolle collages en tekeningen zijn hier gemaakt.

Je bent van harte welkom aan de Noldijk in Barendrecht op zaterdag 23 november voor de middagworkshop “Thuis zijn bij jezelf”. Dat leek me wel een thema dat past bij verhuizing.

Na afloop van de workshop is er een borrel voor wie wil.

Ik hoop je te zien!

Trouwens, ook in Zwijndrecht hoop ik in de toekomst weer schrijfworkshops en -cursussen te geven. Dat is dan gewoon aan de keukentafel, maar ongetwijfeld wordt ook dat weer heel fijn om met elkaar mee te maken. En het maandelijkse Schrijfcafé blijft ook op de agenda staan.

 

 

Het Schrijfcafé is verhuisd naar Zwijndrecht

In februari is het Schrijfcafé van de Papieren Spiegel verhuisd naar Hotel Ara in Zwijndrecht.

In 2009 begon het Schrijfcafé van de Papieren Spiegel in het Kunsthalcafé in Rotterdam. In 2011 verhuisden we naar Hotel Ridderkerk. En nu, sinds februari jl., schrijven we in Hotel Ara in Zwijndrecht.

De eerste ervaringen in Hotel Ara zijn zeer positief. We zitten in een rustige hoek achter in het restaurant met prachtig uitzicht op de Oude Maas. Hartelijke ontvangst, heerlijke koffie, wat wil een mens nog meer.

Hotel Ara ligt prachtig in een natuurgebied, niet ver van de A16, het is uitstekend te bereiken met de auto en je kunt er gratis parkeren.
Als je met openbaar vervoer komt, is NS-station Zwijndrecht het meest dichtbij, maar je moet vandaar wel met een taxi of met de (OV-)fiets. Of we spreken af dat ik je ophaal bij NS-station Barendrecht en dan rijden we samen naar Ara. Je ziet, geen argument om niet te komen!

Je bent van harte welkom.

 

 

.

foto: www.hotelara.nl

 

 

 

 

reflectief schrijven

Helend schrijven

Geertje van Rossum, een trouwe bezoekster van het Schrijfcafé in Ridderkerk, heeft een mooi bericht geschreven op haar weblog: Helend schrijven in de kroeg.
Zo reist het schrijven door de wereld!

Geertje, alle goeds toegewenst als je jouw schrijfbijeenkomsten weer oppakt. Op je weblog zal er vast meer over te lezen zijn als het zover is.

 

 

Schrijfcafé: varianten op een lentegedicht

In het Schrijfcafé hebben we onder andere een oefening gedaan met het gedicht Zo’n dag van Atze van Wieren. (Even naar beneden scrollen op de pagina met Lentegedichten, dan zie je het in de rechterkolom staan.)

De opdracht was:

  • 1. Lees het gedicht aandachtig en maak een lijstje van herinneringen en associaties die bij je opkomen naar aanleiding hiervan. Heb jij wel eens zo’n dag of moment meegemaakt? Of roept het een verlangen bij je op?

  • 2. Kies één item uit je lijstje waar je verder op in wilt gaan.

  • 3. Schrijf er 10 minuten over: probeer zo gedetailleerd mogelijk te beschrijven wat je herinnering of associatie is. Wat zie je precies voor je? Schrijf in de ik-vorm en in de tegenwoordige tijd. Houd je pen in beweging en volg de gedachten die in je opkomen. Als je het even niet meer weet, herhaal je het laatste woord totdat er weer een nieuwe gedachte komt.

  • 4. Lees je tekst terug en onderstreep (delen van) zinnen die je mooi vindt.

  • 5. Maak je eigen variatie op het gedicht van Atze van Wieren. Dat doe je door de structuur aan te houden van de drie coupletten die beginnen met ‘Zo’n dag’, steeds gevolgd door vier regels tekst. Voor die vier regels tekst kun je gebruik maken van de (delen van) zinnen die je in stap 4 onderstreept hebt.

 

Hoewel het in het Schrijfcafé niet gaat om het maken van mooie teksten, leidde deze oefening toch verrassend snel tot prachtige gedichten. Het hóeft niets te worden, maar het werd van alles 🙂

Als je erbij was (of als je deze oefening later doet) en je wilt jouw gedicht delen, zet het dan in een reactie onder dit bericht. Het zou leuk zijn om hier allerlei varianten terug te zien!

.

 

Zomaar schrijven helpt niet. Wat wel?

Het is een goedbedoeld advies: “dat moet je eens opschrijven”. Of: “schrijf het maar van je af”.

In coachingsgesprekken en opleidingen klinken varianten als “maak een reflectieverslag” en “schrijf je leerervaringen op”.

Makkelijker gezegd dan gedaan.

Voor je het weet zit je tijden braaf te schrijven en is het nog niet goed. Je reflecties zijn niet concreet genoeg. Of juist té concreet, te verhalend. Je wilde schrijven om op te fleuren, maar je bent na afloop meer in mineur dan voorheen. Op z’n best ben je er weinig mee opgeschoten. Er staat een klaagzang op papier. Of een brij gedachten. Kringetjes uit je hoofd nu op het papier. En dan?

Is het schrijven dan niets voor jou? Werkt het niet? Kún je het niet?

Dat is een te snelle conclusie.

Waarschijnlijk heb je te weinig gericht geschreven, te weinig methodisch. Er zijn namelijk allerlei schrijftechnieken en ze werken verschillend: een sprintje is bijvoorbeeld intuïtief en associatief, terwijl een kolommenwerkblad structuur geeft en je ratio aanspreekt. Een open zin laat je ingaan op het eerste wat in je opkomt, terwijl een lijstje of een gedachtenwolk je ruimte geeft tot kiezen. Zo zijn er nog veel meer technieken en het doet er toe welke je kiest.

En de insteek – of zo je wilt, de opdracht – waarmee je zo’n techniek inzet, maakt ook veel uit. Zo is een open zin een goede manier om je aandacht te richten, maar richt je dan wel voldoende precies? Vergelijk eens de volgende drie zinnen:

  • – Wat ik van mijn project vind, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mijn project, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mezelf in dit project is…

Of deze vier:

  • – Wat ik leer in mijn project is…
  • – Wat ik als vakman/vakvrouw leer in mijn project is…
  • – Wat ik in het contact met anderen leer in mijn project is…
  • – Wat ik op persoonlijk/emotioneel niveau leer in mijn project is…

De open zinnen gaan allemaal over jou en je project, maar ze geven steeds een andere kijkrichting.

Reflectievragen zijn ook zo’n richt-instrument. De vraag “wat treft je het meest” of “wat valt je op” kan naar positieve en negatieve dingen leiden, anders dan bijv. “waar ben je het meest dankbaar voor of blij mee” of “waar zit de meeste pijn en moeite”.

Met de vraag “wat heb je geleerd” kijk je terug en met “wat wens je jezelf nu toe” kijk je vooruit. Je kunt zelfs twee kanten tegelijk op kijken als je je afvraagt: “wat heb ik de afgelopen tijd geleerd dat ik de komende tijd goed kan gebruiken”. (Vragen zijn trouwens geweldige instrumenten, zie ook de blogjes over Hoebeke,  HarrisonDilts en Schein. Maar dit terzijde.)

Zie je ‘m al ontstaan, de waaier aan mogelijkheden?

Talloze schrijftechnieken x talloze richtingen = oneindige ruimte.
Hoe ga je die ruimte effectief verkennen?

Er ligt zoveel ruimte voor je open als je wilt reflecteren, leren, groeien, verdiepen, onderzoeken.

Zomaar schrijven is als schieten met hagel met je ogen dicht en hopen dat je raakt wat je wilde. Natuurlijk lukt het soms. En natuurlijk is het sowieso een moment voor jezelf. Het feit dát je bent gaan zitten, doet al veel. En als je de brij terugleest, zie je er heus wel iets in blinken, zeker als je het schrijven een langere tijd volgehouden hebt.

Maar als je een schrijftechniek hanteert die past bij je doel en er bewust een richting mee kiest, is je trefkans zoveel groter. Je plezier, diepgang, pijn, troost, leereffect of inzicht navenant ook.
Daarmee heb je goud in handen, voor je eigen ontwikkeling en voor anderen die je begeleidt.

.

.

.

Foto: www.sxc.hu, Lize Rixt

 

 

 

 

 

 

foto: www.sxc.hu

De kunst van het vragen (IV): Hoebeke

Vragen zijn interventies. Ingrepen in een gesprek en in een gedachtegang – meer of minder sturend van aard, meer of minder bewust gesteld, maar toch ingrepen.

Er is veel geschreven over soorten vragen en wat ze doen. Schein onderscheidt vragen aan de hand van de richting die je ermee inzet: verkenning, diagnose, alternatieven of confrontatie. Dilts gebruikt vragen om mensen te laten zien wat ze niet zien: weglatingen, algemeenheden en vervormingen. Harrison noemt vijf niveaus van oppervlakte naar diepte.
Deze keer kijken we naar wat Luc Hoebeke erover te zeggen heeft.

Organisaties hebben geen problemen, maar de mensen die er werken wel. Dat stelt Luc Hoebeke, en daar is hij overigens niet uniek in. Wel in hoe hij ‘problemen’ defini­eert. Naar zijn overtuiging drukt zich in problemen een dilemma uit waar ‘verlangen’ en ‘vrees’ deel van uit maken. Een helper probeert dat dilemma met de ander door te werken en zal dus vooral vragen stellen die betrekking hebben op dat verlangen en de ermee gepaard gaande vrees.

Verlangen

  • –  iemands ambities of drive
  • –  wat iemand graag zou willen doen
  • –  hoe iemand zou willen zijn
  • –  wat iemand een ander zou willen zeggen

Vrees

  • –  waar iemand aan denkt bij dergelijke verlangens
  • –  wat iemand terughoudt
  • –  welke fantasieën iemand heeft
  • –  welke ervaringen de vrees en fantasieën voeden
  • –  wat iemand anderen heeft zien overkomen

De kunst is hier niet alleen om vragen te stellen, maar ook en vooral te luisteren naar hoe verlangen en vrees doorklinken in wat je als helper hoort. Interveniëren betekent hier ook dat je verwoordt wat je hoort.

Deze tekst is gebaseerd op de syllabus ‘Vragen staat vrij’ door Adrie van den Berge, met als basis o.a. een destijds ongepubliceerd artikel van Hoebeke. Adrie heeft allerlei materiaal ter beschikking gesteld en met zijn toestemming deel ik het hier graag met jullie; ik verander er soms wat aan, schrijf er een beetje omheen en geef er een reflectieoefening bij.

In eerdere stukjes kwamen ScheinDilts en Harrison aan de orde; deze serie over vragen zal in een volgend stukje afsluiten met inzichten van Edu Feltmann.
.

Reflectieoefening

    1. Vergeet even wat Hoebeke zegt. Schrijf vrijuit, vanuit je eigen gedachtegang en ongestructureerd, 3 A4-tjes vol over een een probleem of dilemma waar je momenteel mee zit. Schrijf snel en mijmerend, d.w.z. volg je gedachten en schrijf kritiekloos op wat er in je opkomt. Houd je pen in beweging. Als je blokkeert, herhaal je het laatste woord totdat er een nieuwe gedachte komt.
    2. Lees welke aspecten volgens Hoebeke horen bij ‘verlangen’. Lees daarna je tekst uit stap 1 door en markeer met een kleur alle woorden, passages of flarden die horen bij jouw verlangen in deze kwestie.
    3. Verdeel een blanco pagina in twee kolommen.
    4. Wat valt je op als je naar de fragmenten over verlangen kijkt (uit stap 2)? Schrijf daar iets over op in de linkerkolom.
    5. Lees welke aspecten volgens Hoebeke horen bij ‘vrees’. Lees daarna je tekst uit stap 1 nogmaals door en markeer met een andere kleur alle woorden of flarden die horen bij jouw vrees in deze kwestie.
    6. Wat valt je op als je naar deze fragmenten over vrees kijkt? Schrijf daar iets over op in de rechterkolom.
    7. Kijk rustig naar je kolommen: verlangen en vrees, naast elkaar. Is er iets waar je over door wilt mijmeren? Komt er een vraag bij je op? Schrijf erover door, op dezelfde mijmerende manier, bijvoorbeeld 10 minuten.
    8. “Heb je vragen lief. Leef je vragen, dan leef je misschien ongemerkt het antwoord in.” Dit is een fragment uit een gedicht van Rilke. Heeft dit advies je iets te zeggen over jouw verlangen en vrees? Schrijf er iets over op.
    9. Lees onderzoekend, zonder waarde-oordeel, terug wat je bij stap 7 en 8 geschreven hebt en maak dan de volgende open zinnen af met elk ongeveer 7 regels tekst:
      • Wat me opvalt…
      • Mijn verlangen gaat ten diepste over…
      • Mijn vrees gaat ten diepste over…
      • Wat me helpt…
      • Als ik me afvraag ‘hoe verder?’, dan…

 .

 

Tips voor de veertigdagentijd

De veertig dagen voorafgaand aan Pasen zijn van oudsher een tijd van inkeer en bezinning. Vorig jaar bood ik een programma aan dat daarmee te maken had: “Ruimte maken in 40 dagen”.
Dit jaar ontbreekt mij helaas de tijd ervoor, hopelijk kan ik volgend jaar opnieuw iets maken. Maar er zijn natuurlijk genoeg andere initiatieven waar je inspiratie uit kunt putten, bijvoorbeeld:
.

.

Ik wens je een zinvolle en vruchtbare veertigdagentijd toe.

Als je zelf andere tips hebt, kun je ze hieronder delen; dat zou leuk zijn.

 

foto: www.sxc.hu

Tips, oefeningen en inspiratie van Schrijven Magazine

Een mooie aanbieding van Schrijven Magazine: korting op het abonnement en drie cadeaus. En vervolgens een jaar lang schrijftips, inspirerende voorbeelden en uitgewerkte workshops in elk blad dat je ontvangt. Je komt altijd weer op nieuwe ideeën. De aanbieding geldt tot maandag 23 november, 16.00 uur:

Ontdek je schrijftalent!

Zelf schrijven? Dan lees je Schrijven Magazine. Boordevol schrijftips, trucs, oefeningen, workshops & heel veel inspiratie. Bekende schrijvers vertellen over hun schrijfrituelen, je ontdekt waarom schrijven goed voor je is en natuurlijk leren we je alles wat je moet weten over dialoog, plot, personage & nog veel meer!

Schrijfles van Adriaan van Dis!
In het winternummer van Schrijven Magazine geeft Adriaan van Dis schrijfles, je leest je het verhaal van thrillerauteur Judith Visser die werd gedumpt door haar uitgever, en daarna eindelijk vrij was te schrijven wat ze wilde, je ontdekt de ins & outs van het vertelperspectief en natuurlijk krijg je weer heel veel schrijftips en schrijfoefeningen!

Het winternummer niet missen? Neem dan vóór maandag 23 november 16:00 uur een abonnement.
1 jaar Schrijven Magazine voor slechts € 26,50 (i.p.v € 36,-) én 3 cadeaus t.w.v. minimaal € 45,40.