Zomaar schrijven helpt niet. Wat wel?

Het is een goedbedoeld advies: “dat moet je eens opschrijven”. Of: “schrijf het maar van je af”.

In coachingsgesprekken en opleidingen klinken varianten als “maak een reflectieverslag” en “schrijf je leerervaringen op”.

Makkelijker gezegd dan gedaan.

Voor je het weet zit je tijden braaf te schrijven en is het nog niet goed. Je reflecties zijn niet concreet genoeg. Of juist té concreet, te verhalend. Je wilde schrijven om op te fleuren, maar je bent na afloop meer in mineur dan voorheen. Op z’n best ben je er weinig mee opgeschoten. Er staat een klaagzang op papier. Of een brij gedachten. Kringetjes uit je hoofd nu op het papier. En dan?

Is het schrijven dan niets voor jou? Werkt het niet? Kún je het niet?

Dat is een te snelle conclusie.

Waarschijnlijk heb je te weinig gericht geschreven, te weinig methodisch. Er zijn namelijk allerlei schrijftechnieken en ze werken verschillend: een sprintje is bijvoorbeeld intuïtief en associatief, terwijl een kolommenwerkblad structuur geeft en je ratio aanspreekt. Een open zin laat je ingaan op het eerste wat in je opkomt, terwijl een lijstje of een gedachtenwolk je ruimte geeft tot kiezen. Zo zijn er nog veel meer technieken en het doet er toe welke je kiest.

En de insteek – of zo je wilt, de opdracht – waarmee je zo’n techniek inzet, maakt ook veel uit. Zo is een open zin een goede manier om je aandacht te richten, maar richt je dan wel voldoende precies? Vergelijk eens de volgende drie zinnen:

  • – Wat ik van mijn project vind, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mijn project, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mezelf in dit project is…

Of deze vier:

  • – Wat ik leer in mijn project is…
  • – Wat ik als vakman/vakvrouw leer in mijn project is…
  • – Wat ik in het contact met anderen leer in mijn project is…
  • – Wat ik op persoonlijk/emotioneel niveau leer in mijn project is…

De open zinnen gaan allemaal over jou en je project, maar ze geven steeds een andere kijkrichting.

Reflectievragen zijn ook zo’n richt-instrument. De vraag “wat treft je het meest” of “wat valt je op” kan naar positieve en negatieve dingen leiden, anders dan bijv. “waar ben je het meest dankbaar voor of blij mee” of “waar zit de meeste pijn en moeite”.

Met de vraag “wat heb je geleerd” kijk je terug en met “wat wens je jezelf nu toe” kijk je vooruit. Je kunt zelfs twee kanten tegelijk op kijken als je je afvraagt: “wat heb ik de afgelopen tijd geleerd dat ik de komende tijd goed kan gebruiken”. (Vragen zijn trouwens geweldige instrumenten, zie ook de blogjes over Hoebeke,  HarrisonDilts en Schein. Maar dit terzijde.)

Zie je ‘m al ontstaan, de waaier aan mogelijkheden?

Talloze schrijftechnieken x talloze richtingen = oneindige ruimte.
Hoe ga je die ruimte effectief verkennen?

Er ligt zoveel ruimte voor je open als je wilt reflecteren, leren, groeien, verdiepen, onderzoeken.

Zomaar schrijven is als schieten met hagel met je ogen dicht en hopen dat je raakt wat je wilde. Natuurlijk lukt het soms. En natuurlijk is het sowieso een moment voor jezelf. Het feit dát je bent gaan zitten, doet al veel. En als je de brij terugleest, zie je er heus wel iets in blinken, zeker als je het schrijven een langere tijd volgehouden hebt.

Maar als je een schrijftechniek hanteert die past bij je doel en er bewust een richting mee kiest, is je trefkans zoveel groter. Je plezier, diepgang, pijn, troost, leereffect of inzicht navenant ook.
Daarmee heb je goud in handen, voor je eigen ontwikkeling en voor anderen die je begeleidt.

.

.

.

Foto: www.sxc.hu, Lize Rixt

 

 

 

 

 

 

Wil je schrijven toevoegen aan je repertoire?

Benieuwd wat reflectief schrijven inhoudt? Of weet je dat al en wil je er iets mee doen in je werk? Kijk dan eens naar een workshop en een training die dit najaar gepland staan. Bijvoorbeeld de workshop The Writing Scale© op donderdag 21 november: een dag waarin je schrijftechnieken leert gebruiken voor reflectie, gebaseerd op Appreciative Inquiry. Je kunt de aangereikte technieken gebruiken voor eventuele klanten, maar ook voor jezelf.

Wil je intensiever aan de slag, dan is er op 28 november en 19 december de training Bouwen en graven: de professionele kant van reflectief schrijven. Hierin leer je hoe je je eigen schrijfprogramma’s ontwerpt.

Reflectief schrijven is veel methodischer dan je wellicht denkt. Door een bepaalde opbouw en instructie te kiezen, kun je – voor jezelf en voor eventuele klanten – heel gerichte reflectieopdrachten maken, passend bij het doel dat je nastreeft.

Een belangrijk verschil is bijvoorbeeld of je dingen van je af of naar je toe schrijft. Het ‘van je af schrijven’ is meestal wel bekend. Je bent ergens vol van en brengt het naar buiten op papier. Dat geeft ruimte. Bovendien levert het vaak ordening of inzicht op: je ziet letterlijk wat je bezighoudt. Welke gedachten je hebt en waar ze je brengen.

Anders is het wanneer je naar je toe schrijft. Dan zet je het schrijven bewust in voor je persoonlijke of professionele ontwikkeling. Wat aandacht krijgt groeit, en schrijven is een krachtige vorm om je aandacht te oefenen. Abstracte begrippen zoals bijv. zelfvertrouwen, ontspanning, daadkracht kun je al schrijvend concreet maken en laten groeien. Bovendien zijn er technieken die goed samengaan met Appreciative Inquiry en oplossingsgericht werken.

Voor een eerste kennismaking met schrijven als ontwikkelinstrument is de workshop The Writing Scale© goed geschikt. Je ervaart hoe je creatief schrijven kunt inzetten ten behoeve van reflectie. En je krijgt een aantal stappen aangereikt waarlangs je tot inzicht en actie komt op een voor jou actueel thema.
Als je reflectief schrijven wilt toepassen in je werk met klanten (bijvoorbeeld in workshops, trainingen of coaching), volg dan de training Bouwen en graven: de professionele kant van reflectief schrijven. In twee dagen, met een huiswerkopdracht in de tussentijd, leer je de ontwerpprincipes en diverse schrijftechnieken kennen. Bovendien verzamel je een aantal draaiboeken met bijsluiter.

Als je vragen hebt over deze dagen of je afvraagt of dit iets voor je is, laat het me weten. Dan kijken we ernaar.