Berichten

Schrijven en Staan: reflectief schrijven & opstellingen

Op zaterdag 9 december is het weer zover. Een kans om te praten met je talenten en te horen wat ze jou te zeggen hebben. In een mix van opstellingen en creatieve reflectietechnieken sta je letterlijk stil bij wie je bent en wat je wilt.

Rosemarijn Koenen en ik begeleiden de workshop ‘Schrijven en Staan’ in het Coachhuis in Utrecht.

Zomaar schrijven helpt niet. Wat wel?

Het is een goedbedoeld advies: “dat moet je eens opschrijven”. Of: “schrijf het maar van je af”.

In coachingsgesprekken en opleidingen klinken varianten als “maak een reflectieverslag” en “schrijf je leerervaringen op”.

Makkelijker gezegd dan gedaan.

Voor je het weet zit je tijden braaf te schrijven en is het nog niet goed. Je reflecties zijn niet concreet genoeg. Of juist té concreet, te verhalend. Je wilde schrijven om op te fleuren, maar je bent na afloop meer in mineur dan voorheen. Op z’n best ben je er weinig mee opgeschoten. Er staat een klaagzang op papier. Of een brij gedachten. Kringetjes uit je hoofd nu op het papier. En dan?

Is het schrijven dan niets voor jou? Werkt het niet? Kún je het niet?

Dat is een te snelle conclusie.

Waarschijnlijk heb je te weinig gericht geschreven, te weinig methodisch. Er zijn namelijk allerlei schrijftechnieken en ze werken verschillend: een sprintje is bijvoorbeeld intuïtief en associatief, terwijl een kolommenwerkblad structuur geeft en je ratio aanspreekt. Een open zin laat je ingaan op het eerste wat in je opkomt, terwijl een lijstje of een gedachtenwolk je ruimte geeft tot kiezen. Zo zijn er nog veel meer technieken en het doet er toe welke je kiest.

En de insteek – of zo je wilt, de opdracht – waarmee je zo’n techniek inzet, maakt ook veel uit. Zo is een open zin een goede manier om je aandacht te richten, maar richt je dan wel voldoende precies? Vergelijk eens de volgende drie zinnen:

  • – Wat ik van mijn project vind, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mijn project, is…
  • – Wat ik leuk vind aan mezelf in dit project is…

Of deze vier:

  • – Wat ik leer in mijn project is…
  • – Wat ik als vakman/vakvrouw leer in mijn project is…
  • – Wat ik in het contact met anderen leer in mijn project is…
  • – Wat ik op persoonlijk/emotioneel niveau leer in mijn project is…

De open zinnen gaan allemaal over jou en je project, maar ze geven steeds een andere kijkrichting.

Reflectievragen zijn ook zo’n richt-instrument. De vraag “wat treft je het meest” of “wat valt je op” kan naar positieve en negatieve dingen leiden, anders dan bijv. “waar ben je het meest dankbaar voor of blij mee” of “waar zit de meeste pijn en moeite”.

Met de vraag “wat heb je geleerd” kijk je terug en met “wat wens je jezelf nu toe” kijk je vooruit. Je kunt zelfs twee kanten tegelijk op kijken als je je afvraagt: “wat heb ik de afgelopen tijd geleerd dat ik de komende tijd goed kan gebruiken”. (Vragen zijn trouwens geweldige instrumenten, zie ook de blogjes over Hoebeke,  HarrisonDilts en Schein. Maar dit terzijde.)

Zie je ‘m al ontstaan, de waaier aan mogelijkheden?

Talloze schrijftechnieken x talloze richtingen = oneindige ruimte.
Hoe ga je die ruimte effectief verkennen?

Er ligt zoveel ruimte voor je open als je wilt reflecteren, leren, groeien, verdiepen, onderzoeken.

Zomaar schrijven is als schieten met hagel met je ogen dicht en hopen dat je raakt wat je wilde. Natuurlijk lukt het soms. En natuurlijk is het sowieso een moment voor jezelf. Het feit dát je bent gaan zitten, doet al veel. En als je de brij terugleest, zie je er heus wel iets in blinken, zeker als je het schrijven een langere tijd volgehouden hebt.

Maar als je een schrijftechniek hanteert die past bij je doel en er bewust een richting mee kiest, is je trefkans zoveel groter. Je plezier, diepgang, pijn, troost, leereffect of inzicht navenant ook.
Daarmee heb je goud in handen, voor je eigen ontwikkeling en voor anderen die je begeleidt.

.

.

.

Foto: www.sxc.hu, Lize Rixt

 

 

 

 

 

 

foto: www.sxc.hu

De kunst van het vragen (I): Schein

Vragen zijn rare dingen. Je kunt er van alles mee doen. Nuttige dingen te weten komen (zoals de tijd of de weg), je nieuwsgierigheid bevredigen, dingen leren, een sfeer maken of breken, iemand boos maken of laten lachen, iemand helpen. Dat laatste zien we vaak in coachingsgesprekken. In plaats van advies te geven vanuit een expert-rol, zal een coach eerder geneigd zijn vragen te stellen waarlangs de coachee zelf zijn/haar gedachten formuleert en zo tot eigen inzichten komt.

Vragen kunnen interventies zijn: ingrepen die je bewust doet om een bepaald effect te bereiken. Edgar H. Schein zegt daar iets over. Hij gaat in op mogelijke doelen van het stellen van vragen en hij suggereert dat ze het beste in een bepaalde volgorde aan bod kunnen komen:

1.   verkenning
2.   diagnose
3.   alternatieven
4.   confrontatie

1. Verkennende vragen

Verkennende vragen zijn erop gericht om de ander onder woorden te laten brengen hoe hij of zij de situatie ziet. De vragensteller hanteert zelf weinig of geen vooronderstellingen, zodat degene die aan de praat raakt het verhaal naar voren brengt in een eigen vorm.

Het gaat om vragen als:
– Kun je me iets daarover vertellen?
– Kun je de situatie beschrijven?
– Wat heb je in gedachten?

2. Diagnostische vragen

Diagnostische vragen zijn bedoeld om iemand te helpen te begrijpen waarom het gaat zoals het gaat en wat iemands eigen aandeel (rol/bijdrage) is in een situatie. Schein noemt diverse types interventies:

  • Reconstructies maken
    • Welke gebeurtenissen hebben dit veroorzaakt?
    • Hoe is dat gekomen?
    • Kun je vertellen wat er toen gebeurde?
    • Wat gebeurt er dan in die bijeenkomsten?
  • Concretiseren
    • Wat bedoel je daarmee?
    • Wat versta je daaronder?
    • Kun je daar een voorbeeld van geven?
  • Proces onderzoeken
    • Hoe hebben ze toen gereageerd?
    • Hoe zijn ze toen met elkaar omgegaan?
    • Welke gevoelens speelden er toen?
  • Hypotheses formuleren

    • Welke oorzaken zie je?
    • Wat zou er mogelijkerwijs aan de hand kunnen zijn?

De bedoeling van concretiseringen is om van generaliserende en vage uitspraken te komen tot meer concrete beschrijvingen. Bij procesgerichte vragen is het de bedoeling om weg te komen van allerlei inhoudelijke bespiegelingen en vooral na te gaan welke handelingen en (re)acties van mensen hebben geleid tot wat er nu is.

3. Vragen naar alternatieven

Vragen naar handelingsalternatieven gaan over mogelijk nieuw gedrag of ander optreden. Mogelijkheden die iemand zou kunnen overwegen om iets aan een situatie te doen. Volgens Schein kan degene die de vragen stelt (bijvoorbeeld de coach) ook best zelf mogelijkheden aangeven, maar liefst door er verschillende te schetsen. Het gaat om het zien en evalueren van alternatieven, niet om er één aan te raden. Hij noemt weer een aantal types:

  • Openend
    • Welke alternatieven zie je?
    • Wat zouden de effecten daarvan zijn?
  • Concepten
    • Welke concepten of theorieën zouden hier relevant kunnen zijn?
    • Welke informatie heb je nog nodig?
  • Ervaren
    • Zou je het eens voor kunnen doen?
    • Heb je dat elders wel eens geprobeerd?

4. Confronterende vragen

Confronterende interventies gaan verder dan op een open manier vragen stellen; er zit meer inhoud van de vragensteller in. Toch is het ook hier niet zozeer de bedoeling dat degene die de vraag stelt (c.q. de interventie doet) zijn of haar eigen mening geeft. Het gaat erom dat je (bijvoorbeeld als coach) kijkt hoe hetgeen de ander zegt of doet in relatie staat tot het probleem. De aandacht verschuift naar gebieden waar wellicht sprake is van weerstand. Het confronterende is dat iemand iets te horen krijgt wat niet zo makkelijk te accepteren is. Ook hier een aantal mogelijkheden, waar we overigens Schein wel erg vrij interpreteren:

  • Testen
    • Lijkt je de volgende hypothese ook niet denkbaar?
    • Het lijkt wel of je boos bent op die man, klopt dat?
  • Feedback
    • Past je gedrag wel bij wat je wilt bereiken?
    • Ik ervaar nu niet dat je erg luistert en vraag me af of dat in die situatie wellicht ook een rol speelt; hoe zie jij dat?
  • Belemmeringen
    • Waarom doe je dit niet?
    • Je schijnt op de een of andere manier te blokkeren, zie je dat ook?

 

Tot zover Schein. Je ziet al wel hoeveel er is te zeggen over soorten vragen en wat ze teweegbrengen. Het helpt dus wanneer je stilstaat bij de vragen die je stelt en wilt stellen in relatie tot het doel dat je met de ander wilt bereiken. Bewust omgaan met het stellen van vragen zal een (coach-)gesprek effectiever en vruchtbaarder maken. Het is in mijn optiek het verschil tussen een gewoon goed gesprek en een methodisch onderzoekend en lerend gesprek.

Schein is natuurlijk niet de enige die iets gezegd heeft over vragen als interventies waarmee je verschillende bewegingen inzet. In volgende blogberichten hoop ik aandacht te besteden aan Dilts, Feltmann, Harrison en Hoebeke. De teksten zijn grotendeels van de hand van Adrie van den Berge die gul allerlei materiaal ter beschikking heeft gesteld. Met zijn toestemming deel ik het hier graag met jullie; ik schrijf er wat omheen en geef er een reflectieoefening bij.

 

Reflectieoefening

De inzichten van Schein zijn ook te gebruiken voor het reflectief schrijven. Daarbij ben je immers op papier in gesprek met jezelf, dus je kunt jezelf ook vragen stellen.

  1. Schrijf tenminste één A4-tje vol over een lastige situatie die jou momenteel bezighoudt. Schrijf vrijuit, zonder rekening te houden met Schein’s soorten vragen.
  2. Lees je tekst door vanuit het eerste perspectief van Schein, d.w.z. je stelt jezelf verkennende vragen terwijl je je tekst terugleest. Vul je tekst aan met de antwoorden die je geeft.
  3. Herhaal stap 2 met het tweede perspectief (diagnose), d.w.z. je leest je totale tekst van stap 1 en 2 door en stelt jezelf daarbij vragen over wat er precies gebeurde, hoe betrokkenen -inclusief jijzelf- reageerden, etc. Ook de antwoorden op die vragen voeg je toe aan je tekst.
  4. Vervolgens stel je jezelf de vragen die hierboven genoemd staan bij het derde perspectief, t.w. vragen naar alternatieven. Je schrijft de antwoorden in trefwoorden op.
  5. Daarna lees je de complete tekst die ontstaan is (van stap 1 t/m 4) door met in je achterhoofd vragen uit het vierde perspectief van Schein, bijvoorbeeld: Past mijn gedrag bij wat ik wil bereiken? Is er iets in de manier waarop ik over deze situatie denk/schrijf dat ervoor zorgt dat mijn ‘probleem’ blijft bestaan? Wat belemmert mij?
  6. Tenslotte schrijf je op wat deze reflectie je gebracht heeft en wat je op basis hiervan wilt proberen qua denken en doen.

 

Wil je schrijven toevoegen aan je repertoire?

Benieuwd wat reflectief schrijven inhoudt? Of weet je dat al en wil je er iets mee doen in je werk? Kijk dan eens naar een workshop en een training die dit najaar gepland staan. Bijvoorbeeld de workshop The Writing Scale© op donderdag 21 november: een dag waarin je schrijftechnieken leert gebruiken voor reflectie, gebaseerd op Appreciative Inquiry. Je kunt de aangereikte technieken gebruiken voor eventuele klanten, maar ook voor jezelf.

Wil je intensiever aan de slag, dan is er op 28 november en 19 december de training Bouwen en graven: de professionele kant van reflectief schrijven. Hierin leer je hoe je je eigen schrijfprogramma’s ontwerpt.

Reflectief schrijven is veel methodischer dan je wellicht denkt. Door een bepaalde opbouw en instructie te kiezen, kun je – voor jezelf en voor eventuele klanten – heel gerichte reflectieopdrachten maken, passend bij het doel dat je nastreeft.

Een belangrijk verschil is bijvoorbeeld of je dingen van je af of naar je toe schrijft. Het ‘van je af schrijven’ is meestal wel bekend. Je bent ergens vol van en brengt het naar buiten op papier. Dat geeft ruimte. Bovendien levert het vaak ordening of inzicht op: je ziet letterlijk wat je bezighoudt. Welke gedachten je hebt en waar ze je brengen.

Anders is het wanneer je naar je toe schrijft. Dan zet je het schrijven bewust in voor je persoonlijke of professionele ontwikkeling. Wat aandacht krijgt groeit, en schrijven is een krachtige vorm om je aandacht te oefenen. Abstracte begrippen zoals bijv. zelfvertrouwen, ontspanning, daadkracht kun je al schrijvend concreet maken en laten groeien. Bovendien zijn er technieken die goed samengaan met Appreciative Inquiry en oplossingsgericht werken.

Voor een eerste kennismaking met schrijven als ontwikkelinstrument is de workshop The Writing Scale© goed geschikt. Je ervaart hoe je creatief schrijven kunt inzetten ten behoeve van reflectie. En je krijgt een aantal stappen aangereikt waarlangs je tot inzicht en actie komt op een voor jou actueel thema.
Als je reflectief schrijven wilt toepassen in je werk met klanten (bijvoorbeeld in workshops, trainingen of coaching), volg dan de training Bouwen en graven: de professionele kant van reflectief schrijven. In twee dagen, met een huiswerkopdracht in de tussentijd, leer je de ontwerpprincipes en diverse schrijftechnieken kennen. Bovendien verzamel je een aantal draaiboeken met bijsluiter.

Als je vragen hebt over deze dagen of je afvraagt of dit iets voor je is, laat het me weten. Dan kijken we ernaar.

 

 

Pitstop voor adviseurs is een succes

Woensdag 25 september was ‘ie er weer: Pitstop, de reflectieworkshop voor organisatieadviseurs, aangeboden door Ooa (ook voor niet-leden). Deze keer hebben Tiene de Rek en ik de dag begeleid. Vanwege de flinke wachtlijst is een extra workshop ingelast in december en de planning voor volgend jaar wordt momenteel gemaakt.

Waarom is het zo’n waardevolle dag? Je krijgt zicht op waar je professioneel staat, waar je naartoe wilt en wat je daarvoor wilt doen. Het is een mogelijkheid om even bij te tanken en tijd te nemen voor onderhoud aan je profiel en je ontwikkeling.
Aan de hand van reflectieopdrachten neem je diverse thema’s uit je werkleven onder de loep. Je kiest daarbij zelf wat belangrijk voor je is. Denk bijvoorbeeld aan je professionele bagage, leerstijlen, portfolioplanning, tijdbesteding of persoonlijk leiderschap. De opdrachten zijn heel divers van aard, zodat er voor elk wat wils is.

Je werkt zowel individueel als in kleine groepen en deelnemers krijgen een actieve rol in het ondersteunen van elkaars reflecties.
Je oogst bestaat uit inzichten en voornemens op maat voor verdere persoonlijke en professionele ontwikkeling.

Planning
Pitstop wordt een paar keer per jaar georganiseerd. De eerstvolgende keer is op donderdag 12 december 2013; die dag wordt begeleid door Leike van Oss en Rosemarijn Koenen. Inmiddels is daar een wachtlijst voor; de planning voor volgend jaar zal binnenkort bekend worden.

Kosten
Ooa-leden € 150,- niet-leden € 190,- (excl. 21% btw).
De kosten zijn inclusief materiaal en het vergaderarrangement.

>> Info en aanmelden voor wachtlijst of vervolg: website Ooa

Portfolio Items