14 februari is Valentijnsdag en Aswoensdag… liefde en vasten komen bij elkaar. Bij Valentijnsdag hoef je niet per se te denken aan de rozerode commercie en bij vasten hoef je niet per se te denken aan sla en wortelsap. Waar denk je dan wel aan? Dat vertelt je pen je vanzelf!

Veel plezier en inspiratie toegewenst!

Stap 1
Je hoeft Valentijnsdag natuurlijk niet op te vatten op de commerciële manier die we in de reclames en zoete films zien (alhoewel er niks mis is met een over-the-top-rode-hartjes-kaart voor je lief ;-)), denk maar gewoon aan ‘liefde’. Wat houdt liefde voor jou in, hoe ziet liefde er als het ware uit, waar zie je liefde aan af, wat brengt liefde voort, etc. Maak een lijstje in trefwoorden van wat er zoal bij je opkomt. Ga niet censureren of logisch nadenken, maar stel je open en noteer.

Stap 2
Laat het lijstje uit stap 1 even liggen en sta nu stil bij een ander thema: de veertigdagentijd. De veertig dagen op weg naar Pasen zijn van oudsher een tijd van vasten, bidden en aalmoezen geven. Daar zitten drie relaties of bewegingen in:

  • vasten gaat over de relatie met jezelf, met je lichaam, geest en ziel
  • bidden gaat over de relatie met God, je Bron, je Schepper, de Ene, het Leven… (hoe je die ook maar noemt)
  • aalmoezen geven gaat over de relatie met je naaste, over zorgen voor de ander, hem of haar helpen

En eigenlijk loopt hier nog een vierde relatie doorheen, namelijk die met het materiële, met je geld en spullenboel. Waar zet je je kasten vol mee? Waar geef je je geld aan uit, wie help je ermee? Waar voed of vul je jezelf mee?

Deze relaties maak je dieper en gezonder door in deze veertig dagen nee te zeggen tegen wat niet levenbrengend is, zodat je ruimte maakt en ja kunt zeggen tegen wat heilzaam is.
Het zijn misschien ouderwetse woorden, maar ik hou ervan: levenbrengend, heilzaam.
En heel praktisch kan het bijvoorbeeld betekenen dat je geen glas wijn neemt, maar een kop gemberthee. Dat je de televisie uitzet en naar buiten gaat. Dat je de krant weglegt als je met je lief aan tafel zit. Dat je de dag niet begint met de NOS-app op je smartphone, maar met het lezen van een (bijbel-)tekst en een stil gebed. Of dat je die ene rommelkast uitmest, dingen op Marktplaats zet en de opbrengst aan een goed doel geeft.

Maak het stil in jezelf en denk hier even over na. Bemerk of er een verlangen in je leeft. Wil je iets met (een van) deze drie relaties? Verlang je ernaar om in (een van) deze relaties heilzamer te leven? Je hoeft nog niet te weten hoe, maar waar zit iets? Mijmer hierover op papier in een sprintje van 10 minuten. Kijk maar wat er komt.

Stap 3
Lees je sprintje uit stap 2 (hardop) terug en vraag jezelf af: waar gaat dit in essentie om? Schrijf daarover een sprintje van ca. 5-7 regels tekst.

Stap 4
Kijk nu terug naar je lijstje uit stap 1 en zoek naar een verband. In stap 1 ging het over liefde en in stap 2 en 3 over relaties: de relatie met jezelf, met de Ander en met de ander. Springt er nu bijvoorbeeld iets uit je lijstje van stap 1, heeft een bepaald ‘item’ van dat lijstje jou nu iets te zeggen? Schrijf daarover een sprintje van bijv. 5 minuten.

Stap 5
Lees je sprintje uit stap 4 (hardop) terug en maak de volgende open zinnen af met korte sprintjes van maximaal 3 regels tekst:

  • Ik verlang naar…
  • Dit verlangen heeft te maken met de relatie met…
  • In essentie gaat dit over liefde voor…
  • Wat voor mij ‘levenbrengend’ en ‘heilzaam’ is…
  • Ik neem mij voor…/Ik ga proberen…
  • Wat mij daarbij helpt…
  • Heilzaam leven gaat met vallen en opstaan: ik kan altijd weer opstaan en dat maakt het lichter. Als ik me dit realiseer, dan…

Stap 6
Schrijf als afronding van deze oefening een rondeel. Als basis kun je daarvoor twee kernzinnen nemen uit wat je in deze oefening schreef, en deze zinnen (eventueel bewerkt, gehusseld etc.) gebruiken voor regel 1=4=8 en voor regel 2=7.

Variatie/verdieping

  • Neem een schrift speciaal voor de veertigdagentijd van 14 februari tot en met de week na Pasen, dat is zondag 7 april (want het feest van Pasen duurt eigenlijk 8 dagen). Schrijf in deze periode regelmatig sprintjes, het hoeft maar een paar minuten te zijn, bijv. over hoe het met jouw vorm van vasten gaat, over het heilzamer leven in een of meer van die drie relaties, over hoe je elke dag (zelfs elk moment) opnieuw mag beginnen, etc.
  • Kijk af en toe terug naar wat je schreef in deze oefening. Schrijf erover door: valt je iets op, ontwikkelt je verlangen zich, lukken bepaalde dingen wel of niet en wat kan jou daarbij helpen?
  • In deze tijd zit een beweging van het donker naar het licht, dus doe bijv. af en toe een lichtmeditatie. Zit stil en aandachtig, merk op hoe het licht valt, merk op hoe de dag eerder en langer licht is, of ga ergens buiten stil op een bankje zitten kijken naar hoe het licht om je heen speelt en over je heen, etc.
  • Is er iemand anders met wie je de veertigdagentijd op een bepaalde, bewuste manier kunt beleven? Doe deze oefening dan allebei en wissel erover uit wat je wilt delen. Respecteer de eigenheid van elkaars weg en help elkaar als reisgenoten, op weg naar het licht van Pasen.

Hergebruik van deze oefening is vrij, mits met bronvermelding:
Sarine Zijderveld, www.papierenspiegel.nl
Foto: Canva

Doe je iets met deze oefening? Zelf of samen met anderen? Laat het me weten, ik hoor het graag.

Nodig
– pen en papier
– kookwekker/timer

Hoe te schrijven: sprintje
– schrijf zo snel als je kunt
– volg de gedachten die opkomen
– blijf doorschrijven
– censureer en corrigeer niets
– let niet op taal- en schrijffouten
– als je vastloopt: herhaal het laatste woord totdat er weer een nieuwe gedachte komt