De laatste tijd ben ik bewuster bezig met creatieve dingen. Ik merk dat ik dat niet alleen leuk vind om te doen, maar dat het me ook actiever maakt, er komt letterlijk meer uit mijn handen. ‘Het stroomt meer’, om die uitdrukking maar te gebruiken. Klinkt afgezaagd misschien, maar het is wel wat er gebeurt.
Schrijven is een van die creatieve vormen, zeker als je het doet op de vloeiende manier van sprintjes. Het wordt er ontdekkend van, speelser, verrassender.
In de oefening van deze maand passen vorm en inhoud goed bij elkaar, want het thema is: creativiteit. Je schrijft erover én je doet het.
Veel plezier en inspiratie toegewenst!
Stap 1
Maak een gedachtenwolk rondom de woorden ‘mijn creativiteit’.
Stap 2
Kijk rustig naar je gedachtenwolk: wat springt eruit? Schrijf daar een sprintje over van 10 minuten, mijmerend op papier.
Stap 3
Lees je sprintje uit stap 2 (hardop) terug.
Als ik nu zeg: “Iedereen is creatief, dat zie je aan het feit dat kinderen dat van nature zijn. Sommige volwassenen zijn altijd creatief gebleven, andere zijn misschien vergeten dat ze het zijn. Maar iedereen is het. En hoe meer je je creativiteit gebruikt, des te meer gaat het stromen. Jouw creativiteit is onuitputtelijk.” – wat heeft deze uitspraak jou dan te zeggen in relatie tot wat je schreef in je sprintje? Ga daar niet over nadenken, maar schrijf meteen door in een volgend sprintje van 10 minuten.
Stap 4
Lees je sprintje uit stap 3 (hardop) terug. Kies nu één woord uit je sprintje dat sterk te maken heeft met jouw creativiteit, in positieve zin, dus bijvoorbeeld iets wat je wilt koesteren, waar je meer tijd voor wilt maken, waar je energie van krijgt, iets wat belangrijk voor je is…
Stap 5
Geef jouw kernwoord uit stap 4 weer in een intuïtieve tekening: teken op de manier zoals je een sprintje schrijft, d.w.z. je gaat er niet over nadenken, maar pakt een kleur en begint gewoon te tekenen. Niets wordt uitgegumd, alles doet mee, en je laat de tekening ontstaan zoals die in je opkomt. Neem daar maximaal 10 minuten de tijd voor.
Stap 6
Geef in een klein sprintje van 3 regels tekst weer hoe je je voelt, nu na het maken van je tekening.
Wil je naar aanleiding van je gevoel nog iets aan je tekening toevoegen? Doe dat dan.
Stap 7
Kijk naar je tekening en schrijf een sprintje van 5 minuten over wat deze laat zien. Geef daarna je tekening een titel.
Stap 8
Neem even afstand van wat je geschreven hebt. Dat kun je doen door bijv. een wandeling te maken of door het een paar dagen te laten liggen. Lees daarna alles vanaf het begin hardop en met aandacht terug. Vraag jezelf af: is er iets dat ik meer of vaker wil doen om mijn creativiteit te laten stromen? Schrijf er eventueel iets over op. Probeer het zo concreet te maken dat je het kunt inplannen, maak er letterlijk ruimte voor: in je tijd en als het kan in je huis. Wees daarin gul voor jezelf.
Variaties
- Als je het thema wilt verdiepen: kies in stap 2 een ander woord dat uit je gedachtenwolk springt en herhaal de oefening vanaf dat punt.
- Als je het kernwoord uit stap 4 verder wilt verkennen: maak gedurende de maand af en toe een nieuwe tekening, zonder te kijken naar wat je al getekend hebt. Aan het eind van de maand leg je je tekeningen op een rij en kijk je welk beeld daaruit naar voren komt. Misschien zie je een ontwikkeling? Is het consequent eenzelfde sfeer of zie je verschillen? Welke dan? Schrijf er een sprintje over en geef daarna de kern weer in bijvoorbeeld 5 regels tekst. Doe daarna stap 8 van de oefening hierboven.
Hergebruik van deze oefening is vrij, mits met bronvermelding:
Sarine Zijderveld, www.papierenspiegel.nl
Nodig
– pen en papier
– kleurpotloden of bijv. pastels, wasco
– kookwekker/timer
Hoe te schrijven: sprintje
– schrijf zo snel als je kunt
– volg de gedachten die opkomen
– blijf doorschrijven
– censureer en corrigeer niets
– let niet op taal- en schrijffouten
– als je vastloopt: herhaal het laatste woord totdat er weer een nieuwe gedachte komt

Geef een reactie