Deze maand een ‘lege’ oefening, je werkt namelijk met een woord dat je zelf kiest omdat het voor jou belangrijk is op dit moment in je leven. Met verschillende schrijftechnieken sta je daarbij stil en kijk je wat er te ontdekken is aan inzicht en uitzicht.
.
Veel plezier en inspiratie toegewenst!
Stap 1
Zoek of maak een mooie, rustige plek voor jezelf waar je stil kunt zitten en schrijven. Neem de tijd en adem bewust. Kom tot jezelf en stel je open om te luisteren naar wat zich aandient.
Als je wilt, kun je het combineren met een gebed.
Stap 2
Vraag jezelf af: wat is nu belangrijk voor mij? En kijk naar welk woord er in je opkomt; misschien is dat één woord, misschien zijn het er een paar. Neem de tijd om het woord (of de woorden) als het ware te proeven: is dit het inderdaad? Of is het net iets anders waar het in wezen om gaat, een woord dat er als het ware naast ligt?
Noteer de woord zoals ze opkomen, zonder oordeel, als een lijstje van trefwoorden.
Stap 3
Kijk naar je lijstje uit stap 2 en merk op welk woord er op dit moment voor jou uitspringt. Maak daar een gedachtenwolk mee.
Stap 4
Kijk rustig naar je gedachtenwolk uit stap 3 en merk op welk woord er op dit moment uitspringt. Mijmer daarover al schrijvend in een sprintje van 7 of 10 minuten.
Stap 5
Lees je sprintje uit stap 4 (hardop) terug en kijk daarna weer naar je gedachtenwolk. Welk woord daarin heeft iets te zeggen over (en/of iets te maken met) wat je zojuist schreef? Wat heeft dat nieuwe woord extra te zeggen? Mijmer daarover verder op papier in een sprintje van 5 of 7 minuten.
Stap 6
Lees je sprintje uit stap 5 (hardop) terug. Nu je dit zo gezien hebt, wat wil je in jezelf ontwikkelen, welke kracht of kwaliteit in jezelf wil je gebruiken en versterken? Probeer dat uit te drukken in één woord en wees daar even stil bij.
Stap 7
Maak als afronding van deze oefening een woordgedicht van jouw woord uit stap 6.
Variatie/uitbreiding
- Herhaal de oefening de komende tijd en kijk of er andere woorden in je opkomen.
- Kies andere woorden uit de gedachtenwolk.
- Kies een woord uit het afrondende woordgedicht en schrijf daar weer verder over, bijv. over wat het te maken heeft met jouw allereerste woord in deze oefening.
Hergebruik van deze oefening is vrij, mits met bronvermelding:
Sarine Zijderveld, www.papierenspiegel.nl
Foto: Canva
Doe je iets met deze oefening? Zelf of samen met anderen? Laat het me weten, ik hoor het graag.
Nodig
– pen en papier
– kookwekker/timer
Hoe te schrijven: sprintje
– schrijf zo snel als je kunt
– volg de gedachten die opkomen
– blijf doorschrijven
– censureer en corrigeer niets
– let niet op taal- en schrijffouten
– als je vastloopt: herhaal het laatste woord totdat er weer een nieuwe gedachte komt
Geef een reactie